• Document: TRANSITIONELE ARBEIDSMARKTEN;
  • Size: 30.46 KB
  • Uploaded: 2018-11-08 08:52:41
  • Status: Successfully converted


Some snippets from your converted document:

TRANSITIONELE ARBEIDSMARKTEN; van deze tijd? Martijn Voermans, s800651 Boaz van Luijk, s776416 Tilburg, KUB, 18 oktober 2001 Inhoudsopgave Inleiding............................................................................................................. 3 Hoofdstuk 1: De transitionele arbeidsmarkt nader uitgelegd.................................. 4 Hoofdstuk 2: Verschillen met de traditionele arbeidsmarkt ................................... 6 Hoofdstuk 3: De transitionele arbeidsmarkt in deze tijd........................................ 7 Hoofdstuk 4: Transitionele arbeidsmarkt en het wetsvoorstel Arbeid en Zorg ....... 8 Conclusie ........................................................................................................... 9 Inleiding In dit referaat gaan wij nader in op het begrip transitionele arbeidsmarkt. De laatste jaren is hier een discussie over ontstaan. Hieronder valt namelijk ook het voeren van een actief arbeidsmarktbeleid, werkloosheidsvoorzieningen en zorgverlof. Dat niet alleen de overheid zich wil bezighouden met het creëren van een transitionele arbeidsmarkt, valt uit de talloze publicaties wel op te maken. Voor werkgevers is het namelijk ook van belang. Maar waarom is transitionele arbeidsmarkt nu zo actueel? Eigenlijk zijn hier drie factoren in het spel: de krapte op de arbeidsmarkt, de lage participatiegraad en de hoge collectieve lasten. Deze drie factoren verplichten de overheid én werkgevers tot het ondernemen van stappen. De transitionele arbeidsmarkt lijkt de oplossing op dit probleem. In dit referaat gaan we dat onderzoeken. We formuleren onze probleemstelling dus als volgt: “Waarom is een omschakeling van een traditionele naar een transitionele arbeidsmarkt kenmerkend voor deze tijd en in hoeverre wordt zij ondersteund door het wetsvoorstel Arbeid en Zorg 2001?” Deze probleemstelling gaan we beantwoorden door middel van een studie naar het begrip transitionele arbeidsmarkt, de verschillen met het traditionele arbeidsmarktmodel, de inpassing van het model in deze tijd en in hoeverre de wet Arbeid en Zorg zo’n omschakeling ondersteunt. Hoofdstuk 1: De transitionele arbeidsmarkt nader uitgelegd Het concept van de transitionele arbeidsmarkt wordt volgens G. Schmid (1998) aan de hand van drie principes duidelijker: De arbeidsmarkt moet zich voortdurend aan passen aan interne en externe fluctuaties. Denk bij externe fluctuaties bijvoorbeeld aan de conjunctuur van de economie, technologische ontwikkelingen en de (plotselinge) verandering van de vraag naar producten. Bij interne fluctuaties kun je denken aan: ziektes, veranderende familieomstandigheden en verhuizingen. Tegenwoordig zorgen interne fluctuaties voor de grootste veranderingen op het gebied van de arbeidsmarkt. Aanpassing van het sociaal instituut “de arbeidsmarkt” vraagt om effectieve en sociaal acceptabele maatregelen. Zo is er bijvoorbeeld de financiële ondergrens bij loonverlagingen, omdat het anders sociaal en economisch niet acceptabele gevolgen genereert voor de arbeidskracht. Periodes van “niet-werken” hoeven niet persé negatief begrepen te worden. Deze periodes kunnen voor arbeidskrachten dienen om zichzelf te ontwikkelen in opleiding of onbetaald werk. Dit kan zijn om: een brug te slaan naar nieuw werk, zelfwaardering te vinden en toekomst mogelijkheden te ontdekken. Hieruit volgt de volgende definitie van transitioneel arbeidsmarkt: een arbeidsmarkt waar het beleid gericht is op de afstemming van de arbeidsdeelname van mensen op hun persoonlijke levensloop en op de kwaliteit van de participatie door kwalificering en ‘employability’. Het biedt tevens een kader om na te gaan welke institutionele factoren sociale integratie kunnen bevorderen. (N. van den Heuvel, 1999) Met andere woorden: een arbeidsmarkt met beleid dat gericht is op het bevorderen van overbruggingen tussen inactiviteit en de reguliere arbeidsmarkt, die een permanente keuze toestaat tussen verschillende vormen van werk. (K. Corver, 2000) Deze “overbruggingen” zijn de zogenaamde transities. Volgens het levensloopmodel vinden er altijd een aantal transities in het leven van een individu plaats. Later zullen we dieper op het levensloopmodel ingaan. Volgens het model van Schmid (1998) zijn er vijf verschillende soorten transities te onderscheiden: I deeltijd/minder arbeid en voltijdse arbeid of tussen arbeid in loondienst en zelfstandige arbeid; II tussen werkloosheid en arbeid; III tussen scholing en arbeid; IV tussen zorg en arbeid; V tussen arbeid en pensionering (in de zin van deeltijd- of brugpensioen) Men zou kunnen zeggen dat de transities in het model van de transitionele arbeidsmarkt ondergebracht zijn in een typologie van overgangen van inactiviteit en onderwijs naar werk en vice versa. De inactiviteit is te onderscheiden in onbetaalde arbeid (huishoudens), sociale-zekerheid (werkloosheid en arbeidsongeschiktheid) en (vroegtijdige) pensionering. Er zijn vier benaderingen te onderscheiden van waarui

Recently converted files (publicly available):